Corona en de steunmaatregelen

Fiscale tips accountant boekhouder corona subsidies

Het jaar 2020 loopt op zijn einde en zal de geschiedenis ingaan als het jaar waarin het corona virus de wereld  in zijn macht had.

De coronacrisis heeft de Belgische zelfstandigen hard getroffen. Zowel de federale als de regionale overheden zorgden voor heel wat steunmaatregelen. Deze maatregelen zijn welgekomen in tijden van crisis maar we mogen de fiscale impact niet vergeten. De maatregelen zijn niet allemaal op dezelfde manier belastbaar. We zetten de belangrijkste maatregelen en hun belastbaarheid op een rij:

Corona hinderpremie / compensatiepremie (Vlaams)

Deze Vlaamse premies werden toegekend aan ondernemingen (eenmanszaken en vennootschappen) die verplicht waren om te sluiten vanwege het virus tijdens de eerste lockdown.

De hinderpremie bedraagt 4.000 EUR + 160 EUR per dag vanaf dag 21.

Voor  ondernemingen die niet  verplicht gesloten waren, maar wel geconfronteerd werden met een sterke omzetdaling van 60 % in de periode van 14 maart tot 30 april 2020, werd een compensatiepremie voorzien van 3.000 EUR.

  • Beide premies zullen volledig belastingvrij zijn (zowel voor de vennootschaps- als de personenbelasting)

Vlaams beschermingsmechanisme

Deze premie werd in het leven geroepen voor bedrijven (zowel voor eenmanszaken als voor vennootschappen) in Vlaanderen die een substantiële exploitatiebeperking ondervinden door de coronamaatregelen. (bepaalde ondernemingen zijn uitgesloten: o.a. holdings en patrimoniumvennootschappen)

Een omzetdaling van 60 %  in de maanden augustus & september 2020 ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar was aan te tonen.

De premie bedraagt 7,5 % van de omzet tijdens de referentieperiode en is begrensd tot 15.000 EUR.

  • Deze Vlaamse premie is vrij van belastingen.

Nieuw Vlaams beschermingsmechanisme

Deze premie is er voor ondernemers (zowel voor eenmanszaken als voor vennootschappen) in het Vlaams gewest die door de maatregelen van het overlegcomité n.a.v. de tweede golf te kampen hebben met een omzetdaling van minstens 60 % in ofwel de periode van 1 oktober tot 15 november 2020 ofwel de periode van 19 oktober tot 15 november 2020 t.o.v. de overeenkomstige periode in 2019.

De premie bedraagt 10 % van de omzet tijdens de referentieperiode in 2019, beperkt tot een bepaalde bedrag dat varieert in functie van de gekozen periode en het aantal RSZ ingeschreven werknemers.

De maximale steun bedraagt:

  • Voor de periode 1 oktober tot 15 november 2020:
    • 11.250 EUR voor ondernemingen met geen tewerkstelling of een RSZ-tewerkstelling tot en met 9 werknemers
    • 22.500 EUR voor ondernemingen vanaf 10 werknemers tot 49 werknemers
    • 60.000 EUR voor ondernemingen met 50 werknemers of meer
  • Voor de periode 19 oktober tot 15 november 2020:
    • 7.500 EUR voor ondernemingen met geen tewerkstelling of een RSZ-tewerkstelling tot en met 9 werknemers
    • 15.000 EUR voor ondernemingen vanaf 10 werknemers tot 49 werknemers
    • 40.000 EUR voor ondernemingen met 50 werknemers of meer

Er is eveneens een minimum steunbedrag voorzien van 1.000 EUR of 600 EUR.

  • Deze Vlaamse premie is vrij van belastingen.

Overbruggingsrecht (federaal)

In het begin van de crisis heeft de Belgische overheid beslist om het reeds bestaande ‘klassieke’ overbruggingsrecht te versoepelen voor zelfstandigen. Het overbruggingsrecht is een soort van vervangingsinkomen. Dat betekent dat het voor de meeste zelfstandigen helaas niet belastingvrij is.   Het sociaal verzekeringsfonds zal een fiche 281.18 opmaken die  op te nemen is in de aangifte personenbelasting.

De belastbaarheid van deze corona – overbruggingsrechtstelsels (“crisis”- overbruggingsrecht en “heropstart”- overbruggingsrecht) wijken af van het klassieke overbruggingsrecht en is bovendien afhankelijk van de aard van uw zelfstandige activiteit. Terwijl het klassieke overbruggingsrecht belast wordt tegen de progressieve tarieven, is er voor de corona overbruggingsrechten in bepaalde gevallen een uitzondering gemaakt.

 

Crisis-overbruggingsrecht (1)

Heropstart-overbruggingsrecht (2)

Zelfstandigen
(winsten / baten)

16,5 % in de mate dat het niet meer bedraagt dan de som van de nettowinsten/-baten van de laatste 4 jaren (boven deze grens is het progressief belastbaar) (3)

Progressief belastbaar (4)

Bedrijfsleider en inwonend helper

Progressief belastbaar (4)

 

Progressief belastbaar (4)

Zelfstandig helper
(niet-inwonend)

16,5 % in de mate dat het niet meer bedraagt dan de som van de nettowinsten/-baten van de laatste 4 jaren (boven deze grens is het progressief belastbaar) (3)

 

16,5 % in de mate dat het niet meer bedraagt dan de som van de nettowinsten/-baten van de laatste 4 jaren (boven deze grens is het progressief belastbaar) (3)

Meewerkende echtgenoten

Niet belastbaar (5)

Niet belastbaar (5)

(1) Uitkering bij:
a. verplichte gedeeltelijke of volledige sluiting opgelegd door de overheid
b. geen opgelegde sluiting door de overheid maar minstens 7 kalenderdagen volledig onderbreken naar aanleiding van het coronavirus.  

Uitkering mogelijk in

Verplichte gedeeltelijke of volledige sluiting

Geen verplichte gedeeltelijke of volledige sluiting

Geen verplichte gedeeltelijke of volledige sluiting maar ca. 60 % afhankelijk van een sector met verplichte sluiting

Maart t/m juni

 

Ja

Ja indien minstens 7 opeenvolgende kalenderdagen onderbreking van de activiteit

 

Juli t/m december

Ja

 

Ja mits bewijs band van afhankelijkheid

Juli en augustus

 

Ja indien minstens 7 opeenvolgende kalenderdagen onderbreking van de activiteit + strikte bewijslast dat er link is met corona

 

Dubbel overbruggingsrecht: de circulaire is nog niet verschenen. Naar alle waarschijnlijkheid wordt dit gelijk behandeld als het crisisoverbruggingsrecht. 

(2) Het heropstart-overbruggingsrecht of relance-overbruggingsrecht is van toepassing voor de maanden juni tot en met december voor de zelfstandigen die verplicht werden hun activiteit te onderbreken tijdens de eerste golf en na de heropening te kampen hebben met een omzetverlies van minstens 10 %.

Uitkering mogelijk in

Heropstart na verplichte gedeeltelijke of volledige sluiting tot minstens 3 mei van je hoofdactiviteit

Geen verplichte gedeeltelijke of volledige sluiting maar ca. 60 % afhankelijk van een sector met verplichte sluiting tot minstens 3 mei

Juni t/m september

Ja indien omzetverlies van minstens 10 % in kwartaal 2 van 2020 (t.o.v. kwartaal 2 van 2019)

Ja indien omzetverlies van minstens 10 % in kwartaal 2 van 2020 (t.o.v. kwartaal 2 van 2019)

Oktober t/m december

Ja indien omzetverlies van minstens 10 % in kwartaal 3 van 2020 (t.o.v. kwartaal 3 van 2019)

Ja indien omzetverlies van minstens 10 % in kwartaal 3 van 2020 (t.o.v. kwartaal 3 van 2019)

(3) Er werd een gunstregime uitgewerkt waarbij de uitkeringen afzonderlijk belastbaar zijn tegen 16,50 % op voorwaarde dat deze vergoeding – samen met eventueel andere verkregen vergoedingen ter compensatie van een vermindering van de beroepswerkzaamheid- niet hoger is dan de belastbare nettowinst of -baten die de voorbije 4 jaren zijn behaald  (de zogenaamde 4x4-regel). Dit vervangingsinkomen wordt dan belast aan 16,5%, tenzij de progressieve tarieven voordeliger zijn.

(4) Deze vergoedingen worden als vervangingsinkomsten gezamenlijk belast tegen normale progressieve tarieven (tussen de 25 % – 50 %).

Voor de volledigheid hieronder de belastingschalen in de personenbelasting voor het inkomstenjaar 2020:

Van

Tot

Vast

Percentage (*)

0,00

13.440,00

0,00

25,00 %

13.440,00

23.720,00

3.360,00

40,00 %

23.720,00

41.060,00

7.472,00

45,00 %

41.060,00

15.275,00

50,00 %

(*)te verhogen met gemeentebelasting in de aangifte personenbelasting

(5) Crisis-overbruggingsuitkeringen worden hier niet belast. Er is in het Wetboek van inkomstenbelasting (WIB) niets opgenomen dat deze uitkeringen aan personenbelasting onderwerpt.


Voor bedrijfsleiders zullen de uitkeringen in het kader van het overbruggingsrecht belast worden aan het progressief tarief. (zie ook tabel bij punt 4)

Indien het loon van de bedrijfsleider is doorgelopen dan hebben we volgende situatie. Op het loon uit de vennootschap werd voldoende bedrijfsvoorheffing ingehouden, echter op de uitkering in het kader van het overbruggingsrecht werd geen bedrijfsvoorheffing ingehouden.

De belastingdruk op de uitgekeerde vergoedingen zal dan ook achteraf via de aangifte in de personenbelasting geregeld (lees: bijbetaald) moeten worden.

Tot slot: De financiële uitkering van het crisis-overbruggingsrecht wordt niet als een vervangingsinkomen beschouwd in de fiscale zin van het woord. Voor de winsten of baten wordt de uitkering mee opgenomen in de berekeningsgrondslag voor de sociale bijdragen. Voor alle duidelijkheid: we spreken over het crisis-overbruggingsrecht en niet over het heropstart-overbruggingsrecht. In de andere situaties (o.a. bedrijfsleiders en meewerkende echtgenoten) blijven de uitkeringen vrij van sociale bijdragen.Ook op de belastingvrije premies zullen geen sociale bijdragen verschuldigd zijn.

Voor meer informatie kunt u steeds uw dossierverantwoordelijke contacteren.

We wensen u en uw familie een prettig eindejaar toe en hou het veilig!