Een nieuwe effectentaks

Fiscale tips accountant boekhouder effecten effectentaks nieuw

Velen zullen het zich herinneren. De vorige effectentaks werd in oktober 2019 vernietigd door het Grondwettelijk Hof. Tevens vernamen we bij de vorming van de nieuwe regering vaak uit de media  dat er geen nieuwe effectentaks zou komen. Toch ligt er nu reeds een nieuwe effectentaks op tafel. De fiscale koterij gaat verder.

Reeds vele namen verschenen voor deze nieuwe taks. De nieuwe effectentaks, de rijkentaks, de vermogenstaks, de solidariteitsbijdrage, de sterkeschoudertaks.

De nieuwe effectentaks wordt als “symbolisch” voorgesteld. Is deze taks niet eerder een symbool voor het begrotingstekort? Met een begrotingstekort van 11.2 procent dit jaar heeft België het op één na slechtste cijfer in de Europese Unie. Tevens zou deze taks dienen “om de impact van de gezondheidscrisis op de financiering van de sociale zekerheid te financieren.” Nogal triest als we dan vernemen in de media dat experts overtuigd zijn dat ons politieke systeem, met maar liefst acht ministers van Volksgezondheid, mensenlevens heeft gekost in deze pandemie.

Tevens is deze taks er gekomen “met respect voor het ondernemerschap”. Dit lijkt echter zeer demotiverend voor het ondernemerschap. Wie initiatief neemt, investeert, risico’s neemt, hard werkt, zorgt voor tewerkstelling, en slaagt in zijn streven (wat uiteraard vaak niet de realiteit is) dient gestraft te worden.

Hierna wat we reeds vernomen hebben over de nieuwe effectentaks.

De nieuwe effectentaks viseert effectenrekeningen met een waarde van meer dan 1 miljoen euro. Ook op buitenlandse effectenrekeningen zullen Belgen de nieuwe belasting moeten betalen. Buitenlanders met effectenrekeningen in België worden ook niet gespaard.

Maar ook rechtspersonen, waaronder dus ook alle vennootschappen, vallen onder de nieuwe effectentaks. Zelfs provincies, gemeenten, intercommunales, universiteiten komen in aanmerking. Er was reeds hevige reactie van die kant uit. Maar voor vennootschappen lijkt het wel een normale zaak. Bijzondere redenering toch.

Alle financiële producten die op een effectenrekening staan zouden in aanmerking komen. Dus niet alleen aandelen, obligaties, maar ook alle afgeleide financiële producten.  Zelfs de cash op de rekening zou  bedoeld worden.

De taks bedraagt 0.15 procent. Het aantal titularissen van de rekening speelt geen enkele rol. Ook  volle eigenaar, vruchtgebruiker of blote eigenaar zou geen enkele rol spelen.

Een effectenrekening met een waarde hoger dan 1 miljoen telt mee voor het volledige bedrag, dus vanaf de eerste euro is de effectentaks te betalen. Per kwartaal wordt de gemiddelde waarde in aanmerking genomen.

Weeral een nieuwe opdracht voor de financiële instellingen die deze taks moeten inhouden en doorstorten. Voor buitenlandse effectenrekeningen moeten de belastingplichtigen zelf aangifte doen en de taks betalen.

Tevens worden maatregelen voorzien om het omzeilen van de taks tegen te houden. Er zou een antimisbruikbepaling voorzien worden die zou ingaan met terugwerkende kracht tot 30 oktober 2020.

De logica en rechtvaardigheid lijkt vaak zoek.

Een voorbeeld. Wie in oktober reeds twee effectenrekeningen heeft van 600 000 euro zou dus geen effectentaks moeten betalen. Elke effectenrekening wordt immers afzonderlijk in aanmerking genomen. Maar wie één effectenrekening heeft ten belope van 1 200 000 euro moet de effectentaks wel betalen. Wordt deze laatste rekening gesplitst in twee rekeningen van 600 000 euro om de taks te omzeilen, dan zal de effectentaks toch moeten betaald worden.

Juristen zijn het er niet over eens als deze nieuwe effectentaks het voorwerp zal uitmaken van een nieuwe vernietiging. Dit omdat het product effectentaks op zich geviseerd wordt. Het belastbaar voorwerp is de effectenrekening.

In ieder geval is het laatste woord over deze nieuwe effectentaks nog niet gezegd. De Raad van State werd om een advies gevraagd. Aanpassingen aan de plannen van de nieuwe effectentaks zijn dus zeker niet uitgesloten.

Dit alles houdt ook andere mogelijke gevaren in. Indien deze taks overeind blijft is het maar de vraag hoe lang het tarief van 0.15 % stand houdt. Aanpassing naar een hoger tarief lijkt dan een gemakkelijke oplossing om meer geld in het overheidslaadje te brengen.