Wat is uw tarief vennootschapsbelasting ?

Fiscale tips accountant boekhouder tarief vennootschapsbelasting

Een basistarief en een verlaagd tarief

Vanaf aanslagjaar 2021 bedraagt het basistarief in de vennootschapsbelasting 25 %.

Het verlaagd tarief bedraagt 20 % op de eerste schijf van 100.000 euro. Het deel van de belastbare grondslag hoger dan 100.000 euro wordt belast aan het basistarief.

Voorwaarden om het verlaagd tarief te genieten

Om van het verlaagd tarief te kunnen genieten zijn er een aantal belangrijke aandachtspunten.

1.  Grootte van de vennootschap

De vennootschap moet een kleine vennootschap zijn in de zin van artikel 1:24 paragraaf 1 tot 6 van het Wetboek Vennootschappen en Verenigingen.

2.  Minimumbezoldigingsvereiste

Er is een minimale bedrijfsleidersbezoldiging vereist aan een bedrijfsleider natuurlijk persoon van 45.000 euro.

Indien de bezoldiging minder bedraagt dan 45.000 euro moet de bezoldiging ten laste van het resultaat van het boekjaar minstens gelijk zijn of hoger zijn dan het belastbaar inkomen van de vennootschap.

De uitsluiting van het verminderd tarief voor vennootschappen die geen minimumbezoldiging toekennen is niet toepasselijk op kleine vennootschappen gedurende de eerste vier belastbare tijdperken vanaf hun oprichting.

3.  Financiële vennootschap

De vennootschap mag geen aandelen bezitten waarvan de beleggingswaarde meer bedraagt dan 50 %, hetzij van de gerevaloriseerde waarde van het gestorte kapitaal, hetzij van het gestort kapitaal verhoogd met de belaste reserves en de geboekte meerwaarden.

In aanmerking komen de waarde van de aandelen en het bedrag van het gestorte kapitaal, de reserves en de meerwaarden op de dag waarop de vennootschap die de aandelen bezit haar jaarrekening afsluit.

Om te bepalen of de grens van 50 % overschreden is, worden de aandelen die ten minste 75 % vertegenwoordigen van het gestorte kapitaal van de vennootschap die de aandelen heeft uitgegeven niet in aanmerking genomen.

Wat betreft de beleggingswaarde van de aandelen moet rekening gehouden worden met alle aandelen, zowel geboekt onder de rubriek Financiële vaste activa als geboekt onder de rubriek Geldbeleggingen.

4.  Meerderheid van aandelen in het bezit van andere vennootschappen

De aandelen van de vennootschap mogen niet voor ten minste de helft in het bezit zijn van één of meer andere vennootschappen. De beoordeling gebeurt op basis van de toestand op afsluitdatum boekjaar.

5.  Beleggingsvennootschappen

     Het mag niet gaan om een beleggingsvennootschap, zoals bv een bevek of bevak.

     De voorwaarde dat er geen dividend van meer dan 13 % van het gestort kapitaal mag worden
     uitgekeerd werd geschrapt.

Winst van het boekjaar voor belasting versus belastbare basis

Er is in vele gevallen een behoorlijk verschil tussen de boekhoudkundige winst voor belasting en de belastbare basis in de vennootschapsbelasting.

Eén van de bepalende factoren daaromtrent is de rubriek verworpen uitgaven.

Bepaalde kosten worden fiscaal geheel of gedeeltelijk toegevoegd aan de boekhoudkundige winst voor belasting. Zo denken we bijvoorbeeld aan de aftrekbeperking van :

-    autokosten

-    receptiekosten

-    kosten van relatiegeschenken

-    restaurantkosten

-    maaltijdcheques, ecocheques, enz.

Deze verworpen uitgaven kunnen een belangrijke invloed hebben op de belastbare basis waarop vennootschapsbelasting moet betaald worden, waardoor deze belastbare basis in sommige gevallen behoorlijk hoger wordt dan de winst van het boekjaar voor belasting. Denk bijvoorbeeld aan een vennootschap met behoorlijk wat bedrijfswagens.

 

Voorbeeld

Winst van het boekjaar voor belasting beloopt 100 000 euro.

Doch de vennootschap heeft verworpen uitgaven ten belope van 30 000 euro

We gaan uit dat de vennootschap belast worden aan het basistarief van 25 % en dat er geen andere invloeden zijn op de belastbare basis.

De belastbare basis wordt dan in ons voorbeeld 130 000 euro.(100 000 + 30 000)

De vennootschapsbelasting beloopt bijgevolg 32 500 euro, zijnde 130 000 x 25 %.

De effectieve belastingdruk op de winst van het boekjaar voor belasting beloopt hier dus 32.5 %.

Het kan uiteraard nog veel erger. In de praktijk komt het zelfs regelmatig voor dat bij een verlies van het boekjaar voor belasting er toch nog vennootschapsbelasting moet betaald worden door het effect van de verworpen uitgaven.